donderdag 18 april 2013

Monument Valley


De volgende stop is Monument Valley. Hier staan we op een camping in het park, naast de ingang (de camping bestaat niet meer; wel is er aan de andere kant van de hoofdweg bij Goulding tegenwoordig een camping). Er is een overkapping boven de picknicktafel (die je trouwens bij elke plek hebt) voor de broodnodige schaduw. Die heb je wel nodig. Het is er warm. De bodem is niet alleen rood (dat komt van het ijzeroxide in de grond hier) maar ook erg stoffig. De rest van de vakantie is de tent dan ook rood van de rode grond hier. We wassen wat kleren en hangen het aan een waslijntje te drogen. Binnen mum van tijd is het droog.
We eten bij Gouldings. Pas als we daar binnenkomen realiseren we ons dat het hier een uur later is. We zijn er net op tijd, ze gaan al bijna sluiten, er komen mensen na ons binnen maar die kunnen niet meer bestellen.




Grote Martin of kleine rotsformatie?



Bryce NP


We raden het altijd af, om in een keer van Monument Valley naar Bryce te rijden, maar toen wisten we nog niet beter….

Via Mexican Hat en de 261 rijden we naar Natural Bridges. We hebben wat twijfels bij de 261, er staan waarschuwingsborden en in de verte doemt een hoge rode muur op; het lijkt of de weg ophoudt. We denken dat de weg ons wel om de rotsen heen leidt, maar de weg gaat gewoon als dirtroad verder, slingerend door de rotsen en omhoog. Pas later blijkt dat we de Moki Dugway hebben gereden. Ach ja, Google Maps bestond nog niet.
Bij Natural Bridges stoppen we voor een wandeling tussen de door water gevormde bruggen (arches zijn door wind gevormd, bridges door water).


Dan rijden we verder, via de 95, over de Colorado rivier waar we wat foto’s maken.




Bij Capitol Reef rijden we de 12 op. Een prachtige weg, maar we hebben niet veel tijd voor de bezienswaardigheden daar. Aan het einde van de dag bereiken we Bryce.
Bij Bryce vinden we een plaats op Ruby’s Campground, een mooi plekje aan de rand van de camping naast een meertje. Onderweg zijn we Nederlanders tegengekomen die net uit Bryce vertrokken waren. Zij hadden sneeuw gehad. Als wij er zijn ligt er geen sneeuw meer, maar het is behoorlijk koud, we zijn blij met onze donzen slaapzakken.

 



Overdag is het gelukkig weer heerlijk weer.  We lopen langs de uitzichtpunten langs de rim. Prachtig! Dit park is de grote verrassing van de vakantie. De Grand Canyon vonden we ook geweldig, maar die was veel bekender. Van Bryce hadden we tot voor kort nog nooit gehoord en ook niet veel van gezien. We zijn ontzettend enthousiast. In het boek van dr. A.J. van Zuijlen stonden alleen zwart-wit foto's en er stond bijgeschreven dat de hoodoos een oranje / rode kleur hadden. Wisten wij veel dat de rotsen zulke mooie kleuren hadden. We lopen ook nog de Queens Garden/Navajo combinatie zodat we de hoodoos ook van een andere kant kunnen bewonderen.

’s Avonds doen we een was en gaan zwemmen in het binnenbad bij Ruby’s. Bij het eten bestellen we een glas wijn, maar dat komt maar niet. We zitten in Utah, realiseren we ons dan, geen alcohol dus.

Zion NP


Het is maar een korte rit van Bryce naar Zion. Dat er vlak voor de tunnel bij Zion de leuke Canyon Overlook Trail loopt wisten we toen nog niet, dus die hebben we gemist.

We hebben een camping in Springdale, vlak bij de ingang van het park. De grond is hier hard. Keihard. We krijgen met geen mogelijkheid onze haringen in de grond en kijken jaloers naar de koepeltentjes van de andere kampeerders; die worden met wat stenen vastgelegd. De campingbeheerder komt aanlopen en vertelt dat je het beste de grond eerst met wat water wat zachter moet maken. Na flink wat water op de harde grond gegooid te hebben lukt het eindelijk om de haringen in de grond te slaan.


Ook hier staan we weer twee nachten. Zion is niet heel groot maar er zijn leuke wandelingen. Helaas blijkt een wandeling door de Narrows niet mogelijk. Je loopt hier door de Virgin River. Als er verderop regen is geweest bestaat de kans op flashfloods. Het danger level  staat op high, daarom lopen we maar een heel klein stukje en gaan dan weer terug.
Daarna doen we de Emerald Pools Trail en de Weeping Rock Trail.



Zion Canyon

Emerald Pools

Weeping Rock

The Narrows
  

Las Vegas


Van Zion gaan we naar Las Vegas. We nemen niet de kortste route maar op aanraden van de tourguide van de AAA rijden we via Lake Mead en brengen we een bezoek aan de Hoover Dam.

Lake Mead

Hoover Dam

de voet van de dam

Van de Hoover Dam rijden we naar Boulder City waar we de Cactus Garden bekijken, eveneens een tip die we uit het tourbook van de AAA hebben gehaald.

Cactus in de cactus Garden in Boulder City

Eveneens een cactus uit de Cactus Garden

In Las Vegas hebben we niets geboekt. We rijden de stad in en stoppen bij een van de eerste hotels die we tegen komen; The Sahara. Het is dat we daar nog een "guest copy" in ons fotoalbum van hadden want geen van beiden wisten we nog waar we overnacht hadden. We kijken onze ogen uit op de Strip en verbazen ons over de goedkope aanbiedingen en speciale combinaties, zoals de Steak & Shrimp.



Het beroemde Stardust sign; in 2007 werd Stardust gesloopt
Gokken doen we er niet, nou ja, we stoppen twee kwartjes in een gokmachine, waarmee we 50 cent winnen. We stoppen er direct mee. Kunnen we tenminste zeggen dat we Las Vegas met winst hebben verlaten.


Sequoia NP


Na Las Vegas rijden we richting Sequoia, met een tussenstop bij Lake Isabella. Onderweg bezoeken we het spookstadje Calico. Toen was het nog niet zo commercieel als het nu is, het is een leuk bezoek, met een ritje door de mijn en onze eerste nachos met cheese als snack.



We rijden over de I15. Na Calico slaan we bij Barstow af en nemen we de CA 58. Bij Bakersfield pakken we vervolgens de CA 178 richting Lake Isabella. Het is een kronkelig tweebaansweg langs een rivier. Aan de kant van de weg staan waarschuwingsborden waarop vermeld staat hoeveel dodelijk ongelukken er hier het laatste jaar zijn geweest. Het zijn er best veel. Als de borden bedoeld zijn om je schrik aan te jagen en er voor te zorgen dat je langzaam gaat rijden, dan werken ze. In ieder geval bij ons, want we doen het voorzichtig aan. Tegen de avond komen we aan bij Lake Isabella waar we een plekje op een camping vinden. Ook hier is de grond keihard maar met behulp van ons Zion-truukje, namelijk om de grond eerst zacht te maken met behulp van water, krijgen we toch voldoende haringen in de grond om ons tentje op te zetten.

Lake Isabella
De dag erna rijden we door naar Sequoia NP.  In Sequoia NP staan we op een vrijwel verlaten camping, met erg veel ruimte en waarschuwingen voor beren. Zo helemaal alleen is dat toch niet erg prettig, we lopen dan ook samen naar het toiletgebouw.

 



We bekijken veel sequoia’s, rijden er overheen, onderdoor en bekijken ze ook lopend.

Grote boom met een klein mannetje
 

 

Tegen de avond betrekt de lucht, het blijkt een voorteken van regen te zijn.


Als we 's morgens opstaan is de tent helemaal nat. Dat vouwt niet lekker op. Niet alleen is de tent nat, wij worden ook nat, want de lucht is nog steeds erg vochtig, deze keer van de mist. We willen naar Moro Rock, maar daar aangekomen zie we al dat een beklimming niet veel zin heeft; het is er ontzettend mistig. Een Amerikaanse komt net omlaag van Moro Rock. We vragen hoe het uitzicht boven is.Vanwege de mist kan je er helemaal niets zien zegt ze, dus laten we Moro Rock maar voor wat het is.
Ons oorspronkelijk plan was om ook het Kings Canyon NP te bezoeken maar daar zien we vanwege de steeds dikker wordende mist maar van af. Het is wel mooi om de sequoia’s zo in de mist te zien.



 

Wel bekijken we nog even de afgezaagde stompen van de sequoia's in het Big Stump basin. Hier zijn meer dan 100 jaar geleden veel bomen omgezaagd en het zaagsel is nog steeds niet vergaan. Er liggen nog steeds grote hopen zaagsel.

Big Stump Basin
Daarna verlaten we het park. We besluiten om op weg naar Yosemite niet te kamperen maar ergens een motel te nemen en de tent te laten drogen  In Fresno is het goed weer, en we nemen daar een motel. Op de parkeerplaats voor de kamer spreiden we onze natte tent uit en laten hem in het zonnetje drogen. Terwijl de tent droogt, worden wij nat in het zwembad van het motel.

Yosemite


De volgende dag rijden we naar Yosemite. We hebben er niets gereserveerd. Het is donderdag en het blijkt dat er in het weekend geen vrije plek op een camping in de vallei is. Bij Crane Flat is nog wel plaats, dus gaan we eerst daar op de camping staan, na het weekend verhuizen we dan naar een plekje op één van de campings in de vallei. Nadeel van de camping bij Crane Flat is dat we 's avonds telkens nog een halfuurtje in het donker terug moeten rijden vanuit de vallei, maar verder staan we er mooi, midden tussen de bossen. Als we een keer bij onze picknicktafel zitten te ontbijten, horen we hoe er iets op onze tent valt. En nog een keer en nog een keer. Iemand of iets zit dingen op onze tent te gooien. Verbaasd kijken we om ons heen. Het blijkt een eekhoorn te zijn, die hoog bovenin een boom dennenappels zit te plukken en deze omlaag gooit, telkens precies op onze tent.


onze campingplaats in Crane Flat; ons tentje staat rechts verstopt achter het bosje onder de boom vol met dennenappels
We nemen uitgebreid de tijd voor het park en doen verschillende wandelingen, rangeractiviteiten (waarbij we onder andere in een berenhol kruipen; een verlaten hol, dat wel), we gaan met de bus naar Glacier Point en lopen daarna de Panorama Trail, we bezoeken de Tuolumne Grove, we rijden naar Tuolumne Meadows en we relaxen in de vallei.


Sentinel Rock, Yosemite Valley



kruipend door een berenhol; de ranger rechts controleerde eerst even of er geen slangen in zaten.

dit riviertje voert normaal gesproken het water van Yosemite Falls af

De Yosemite Falls staat droog. Borden waarschuwen voor de sterke stroming die er nu niet is.

Half Dome vanuit de vallei

Vernal Falls
continu een regenboog aan de voet
De Vernal Falls droogt nooit op, maar de waterval bestaat nu slechts uit een smal stroompje. Je kan goed zien hoe breed de waterval in het voorjaar is als de smeltende sneeuw wordt afgevoerd. Toch blijft het nu ook al een mooi gezicht. Voordeel van het feit dat hij nu zo klein is, is dat de wandeling langs de waterval, de Mist Trail, nu makkelijker te doen is dan in het voorjaar. Dan is het pad vaak glad en word je zelf ook nat door het geweld van het water.

Last van het water hebben we nu ook niet bij onze wandeling bij Mirror Lake.


Het meer valt in het najaar droog. In 1988 ging men er nog van uit dat het meer helemaal droog zou vallen, maar tot nu toe is dat nog niet gebeurd. We lopen er een rondje omheen.

Als we een plekje in de vallei voor onze tent hebben, staan we  een keer vroeg op en nemen de hikersbus naar Glacier Point om de Panorama trail te lopen. Vanaf Glacier Point is het uitzicht op Half Dome en de vallei schitterend. De Panorama Trail loopt van Glacier Point naar de vallei. Onderweg kom je langs 3 watervallen: de Illilouette Fall, de Nevada Fall en de Vernal Fall. 



nog fris aan het begin van de wandeling

Half Dome in de ochtendzon


Lopende op de Panoaramatrail



Lunch onderweg met uitzicht op de vallei


Nevada Falls
Op het smalle pad omlaag bij Nevada Falls

Bij de Nevada Falls moeten we over een smal paadje omlaag. Bij de Vernal Falls nemen we niet het bovenste deel van de Mist Trail dat we eerder hebben gelopen, maar volgen we een stukje van de John Muir Trail naar beneden. Aan het eind van de middag zijn we weer terug op de vloer van de vallei, een stuk vermoeider dan aan het begin van de dag.

De volgende dag beperken we ons tot relaxen in de vallei en een bezoek aan de Tuolumne Grove en de Tuolomne Meadows. Bij de Tuolomne Grove kijken we hoe de sequoia's er daar bij staan. In 1988 kon je nog met de auto naar de Tuolomne Grove rijden. Tegenwoordig kan dat niet meer en moet je vanaf de Tioga Road er heen lopen. Er staat ook een sequoia met een tunnel er in uitgehakt. De boom is dood en veel is er niet van over. Maar het onderste deel met de tunnel is er nog wel.

Even verderop zien we opeens een vreemd dier op de weg lopen. Het is geen kleine beer maar wat het wel is, we hebben geen flauw idee. We maken een foto en nog eentje als hij vlak voor ons van de weg afloopt. Als we weer een foto willen maken hebben we een typisch probleempje uit het analoge fototijdperk. Het filmpje is vol. Tegen de tijd dat we het filmpje verwisseld hebben is het beest in de bosjes verdwenen en in geen velden of wegen meer te zien.
(Als we weer terug zijn in de vallei, laten we het filmpje in de Ansel Adams fotowinkel ontwikkelen, zodat we de foto's van het beest aan de rangers kunnen laten zien. Helaas blijkt de foto van dichtbij bewogen te zijn  - het beest stond ook niet stil - zodat we geen scherpe foto van het dier hebben. We laten de twee foto's aan de rangers in het Visitor Center zien, maar deze kunnen het niet identificeren.)

Bij de Tuolumne Meadows zou je volgens het boek van dr. Van Zuijlen mooie bloemende planten kunnen zien, mits je er wel op het juiste tijdstip van het jaar bent. Dat zijn we niet en en we zien dus geen bloemenpracht. We vinden het wel een mooi gebied. (In latere jaren zijn we hier vaker geweest; ook in andere maanden maar nooit hebben we de meadows in bloei zien.)


Tuolumne Grove

Wat loopt daar nou op de weg?
Het voor eeuwig onbekende dier

Tuolumne Meadows
We vinden Yosemite een mooi park. We nemen ons voor om hier nog een keer terug te komen.